Onderbouw

De eerste 2 leerjaren van het vmbo en de eerste 3 leerjaren van de havo en het vwo heten onderbouw. De onderbouw bereidt leerlingen voor op het vervolgonderwijs in de bovenbouw.

Kerndoelen onderbouw voortgezet onderwijs

Het onderwijs in de onderbouw moet voldoen aan eisen (kerndoelen). Deze kerndoelen bepalen wat leerlingen in de onderbouw moeten weten en kunnen. Bijvoorbeeld wat scholieren moeten weten over geschiedenis. En wat ze na de 1e 2 jaar moeten kunnen berekenen bij wiskunde. In totaal zijn er 58 kerndoelen voor de onderbouw voortgezet  (zie de website van de rijksoverheid).

Inrichting onderwijs en onderwijstijd

Scholen bepalen zelf hoe ze het onderwijs inrichten. Ze kunnen bijvoorbeeld kiezen voor:

  • vakken;
  • projecten;
  • leergebieden;
  • een combinatie hiervan.

Scholen moeten wel voor 2 dingen zorgen:

  • leerlingen moeten aan het einde van de onderbouw over voldoende kennis en vaardigheden beschikken. En ze moeten klaar zijn voor de bovenbouw van het voortgezet onderwijs;
  • per jaar moeten leerlingen minimaal 1.000 klokuren onderwijs aangeboden krijgen.

Invulling lestijd onderbouw voortgezet onderwijs

Scholen moeten minstens 2/3e van de lestijd in de onderbouw aan de kerndoelen besteden. De overige lestijd kunnen zij zelf invullen. Vmbo scholen kunnen deze tijd invullen met beroepsgerichte programma’s. Een voorbeeld hiervan zijn de vakcollege’s. Op deze vakcollege’s starten leerlingen in de eerste klas met een (vaak breed orienterend) beroepsgerichte programma. Soms koppelen scholen aan dit beroepsgericht programma algemene vakken, zodat leerlingen de stof uit deze algemene vakken beter begrijpen. Er zijn ook vmbo-scholen die in de onderbouw alleen avo-vakken aanbieden.

Cultuureducatie in onderbouw voortgezet onderwijs

Leerlingen in de onderbouw moeten minstens 2 vakken volgen die bij cultuureducatie horen. Ze kunnen kiezen uit:

  • beeldende vorming (tekenen, handvaardigheid, fotografie, film, audiovisuele vorming);
  • muziek;
  • drama;
  • dans.

Toezicht onderwijs onderbouw voortgezet onderwijs

De Inspectie van het Onderwijs controleert of scholen de kerndoelen halen. En of scholen leerlingen goed voorbereiden op de bovenbouw. Via het schoolplan en de schoolgids legt de school verantwoording af aan ouders, leerlingen en personeel.

Schooladvies tijdens de onderbouw in het voortgezet onderwijs

In de onderbouw van het voortgezet onderwijs krijgt uw kind aan het einde van het 2e leerjaar een schooladvies. In dit advies staat meestal welke algemene richting (vmbo, havo of vwo) uw kind het beste kan volgen. Adviseert de school uw kind naar het vmbo te gaan? Dan staat in het advies vaak ook welk profiel het meest voor de hand ligt. Vaak hebben leerlingen zich al georiënteerd op dit profiel, bijvoorbeeld tijdens de PPO lessen (praktische profiel oriëntatie).

Oriënteren op studie en beroep

Vast onderdeel van de onderbouw is de ‘oriëntatie op studie en beroep’. Daarin leren kinderen meer over allerlei beroepen en over de opleidingen die voor die beroepen nodig zijn. Oriëntatie op studie en beroep vormt op veel scholen de start van LOB.
Bekijk het voorbeeld artikel van het Elde College